NEDERLANDS
🇳🇱

    Betijen

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • betijen

      Werkwoord/bə'tɛɪjən; bə'tɛɪjə/

      infinitief

      betijen

      tegenwoordige tijd

      betijbetijtbetijen

      verleden tijd

      betijdebetijden

      tegenwoordig deelwoord

      betijendbetijende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren