NEDERLANDS
🇳🇱

    Binnenmarcheren

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • binnenmarcheren

      Werkwoord/'bɪnənmɑrʃerən; 'bɪnəmɑrʃerə/

      infinitief

      binnenmarcheren

      tegenwoordige tijd

      marcheer binnenbinnenmarcheermarcheert binnenbinnenmarcheertmarcheren binnenbinnenmarcheren

      verleden tijd

      marcheerde binnenbinnenmarcheerdemarcheerden binnenbinnenmarcheerden

      tegenwoordig deelwoord

      binnenmarcherendbinnenmarcherende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren