Bis
uncommonZipf 2.6
bijwoord; tussenwerpsel; muzieknoot
bis
Bijwoord/'bɪs/~
bisbis
Tussenwerpsel/'bɪs/~
bisde bis
Zelfstandig naamwoord/'bis/muzieknoot
enkelvoud
bismeervoud
bissende bis
Zelfstandig naamwoord/'bɪs/tweede exemplaar
enkelvoud
bismeervoud
bissenbissen
Werkwoord/'bisən; 'bisə/infinitief
bissentegenwoordige tijd
bisbistbissenverleden tijd
bistebistentegenwoordig deelwoord
bissendbissende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.