NEDERLANDS
🇳🇱

    Bitterzoet

    uncommonZipf 2.4

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • bitterzoet

      Bijvoeglijk naamwoord/'bɪtərzut/

      stellende trap

      bitterzoetbitterzoetebitterzoets

      vergrotende trap

      bitterzoeterbitterzoeterebitterzoeters

      overtreffende trap

      bitterzoetstbitterzoetste
    • het bitterzoet

      Zelfstandig naamwoord/'bɪtərzut/

      enkelvoud

      bitterzoet

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren