Boert
uncommonZipf 2.6
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; als boer werken; een boer laten
de boert
Zelfstandig naamwoord/'burt/enkelvoud
boertmeervoud
boertenboeren
Werkwoord/'burən; 'burə/als boer werken
infinitief
boerentegenwoordige tijd
boerboertboerenverleden tijd
boerdeboerdentegenwoordig deelwoord
boerendboerendeboeren
Werkwoord/'burən; 'burə/een boer laten
infinitief
boerentegenwoordige tijd
boerboertboerenverleden tijd
boerdeboerdentegenwoordig deelwoord
boerendboerende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.