NEDERLANDS
🇳🇱

    Bolwerken

    uncommonZipf 2.3

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • het bolwerk

      Zelfstandig naamwoord/'bɔlwɛrk/

      enkelvoud

      bolwerkbolwerkje

      meervoud

      bolwerkenbolwerkjes
    • bolwerken

      Werkwoord/'bɔlwɛrkən; 'bɔlwɛrkə/

      infinitief

      bolwerken

      tegenwoordige tijd

      bolwerkbolwerktbolwerken

      verleden tijd

      bolwerktebolwerkten

      tegenwoordig deelwoord

      bolwerkendbolwerkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren