NEDERLANDS
🇳🇱

    Circuleert

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • circuleren

      Werkwoord/sɪrky'lerən; sɪrky'lerə/

      infinitief

      circuleren

      tegenwoordige tijd

      circuleercirculeertcirculeren

      verleden tijd

      circuleerdecirculeerden

      tegenwoordig deelwoord

      circulerendcirculerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.