NEDERLANDS
🇳🇱

    Controleert

    commonZipf 3.7

    werkwoord

    • controleren

      Werkwoord/kɔntro'lerən; kɔntro'lerə/

      infinitief

      controleren

      tegenwoordige tijd

      controleercontroleertcontroleren

      verleden tijd

      controleerdecontroleerden

      tegenwoordig deelwoord

      controlerendcontrolerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren