Dinsdags
uncommonZipf 2.4
adjectief; bijwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
dinsdags
Bijvoeglijk naamwoord/'dɪnzdɑxs//zaterdag-of-op-zaterdag-of-s-zaterdags,/zaterdags-of-s-zaterdags
stellende trap
dinsdagsdinsdagsedinsdags
Bijwoord/'dɪnzdɑxs/~
dinsdagsde dinsdag
Zelfstandig naamwoord/'dɪnzdɑx/enkelvoud
dinsdagmeervoud
dinsdagen
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.