NEDERLANDS
🇳🇱

    Doorleren

    B1uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • doorleren

      Werkwoord/'dorlerən; 'dorlerə/

      infinitief

      doorleren

      tegenwoordige tijd

      leer doordoorleerleert doordoorleertleren doordoorleren

      verleden tijd

      leerde doordoorleerdeleerden doordoorleerden

      tegenwoordig deelwoord

      doorlerenddoorlerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.