Dubbelen
uncommonZipf 2.3
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
het dubbele
Zelfstandig naamwoord/'dʏbələ/enkelvoud
dubbelemeervoud
dubbelendubbelen
Werkwoord/'dʏbələn; 'dʏbələ/infinitief
dubbelentegenwoordige tijd
dubbeldubbeltdubbelenverleden tijd
dubbeldedubbeldentegenwoordig deelwoord
dubbelenddubbelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.