NEDERLANDS
🇳🇱

    Ent

    uncommonZipf 2.4

    tak of spruit; werkwoord

    • de ent

      Zelfstandig naamwoord/'ɛnt/

      tak of spruit

      enkelvoud

      ententje

      meervoud

      entenentjes
    • enten

      Werkwoord/'ɛntən; 'ɛntə/

      infinitief

      enten

      tegenwoordige tijd

      ententen

      verleden tijd

      entteentten

      tegenwoordig deelwoord

      entendentende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren