NEDERLANDS
🇳🇱

    Feestwinkel

    uncommonZipf 2.2

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de feestwinkel

      Zelfstandig naamwoord/'festwɪŋkəl/

      enkelvoud

      feestwinkel

      meervoud

      feestwinkels

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren