NEDERLANDS
🇳🇱

    Fidget

    uncommonZipf 1.8

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de fidget

      Zelfstandig naamwoord/'fɪdʒət/

      enkelvoud

      fidget

      meervoud

      fidgets
    • fidgeten

      Werkwoord/'fɪdʒətən; 'fɪdʒətə/

      infinitief

      fidgeten

      tegenwoordige tijd

      fidgetfidgeten

      verleden tijd

      fidgettefidgetten

      tegenwoordig deelwoord

      fidgetendfidgetende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren