NEDERLANDS
🇳🇱

    Fikken

    uncommonZipf 2.8

    zelfstandig naamwoord, meervoud; branden; geslachtsgemeenschap hebben

    • fikken

      Zelfstandig naamwoord/'fɪkən; 'fɪkə/

      meervoud

      fikken
    • fikken

      Werkwoord/'fɪkən; 'fɪkə/

      branden

      infinitief

      fikken

      tegenwoordige tijd

      fikfiktfikken

      verleden tijd

      fiktefikten

      tegenwoordig deelwoord

      fikkendfikkende
    • fikken

      Werkwoord/'fɪkən; 'fɪkə/

      geslachtsgemeenschap hebben

      infinitief

      fikken

      tegenwoordige tijd

      fikfiktfikken

      verleden tijd

      fiktefikten

      tegenwoordig deelwoord

      fikkendfikkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.