NEDERLANDS
🇳🇱

    Fiscus

    C1commonZipf 3.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de fiscus

      Zelfstandig naamwoord/'fɪskʏs/

      enkelvoud

      fiscus

      meervoud

      fiscussen

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren