Fluim
uncommonZipf 2.5
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de fluim
Zelfstandig naamwoord/'flœym/enkelvoud
fluimfluimpjemeervoud
fluimenfluimpjesfluimen
Werkwoord/'flœymən; 'flœymə/infinitief
fluimentegenwoordige tijd
fluimfluimtfluimenverleden tijd
fluimdefluimdentegenwoordig deelwoord
fluimendfluimende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.