NEDERLANDS
🇳🇱

    Freestyle

    uncommonZipf 2.7

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • freestyle

      Bijvoeglijk naamwoord/'friːstɑjl/

      stellende trap

      freestyle
    • de freestyle

      Zelfstandig naamwoord/'friːstɑjl/

      enkelvoud

      freestyle
    • freestylen

      Werkwoord/'friːstɑjlən; 'friːstɑjlə/

      infinitief

      freestylen

      tegenwoordige tijd

      freestylefreestyletfreestylen

      verleden tijd

      freestyledefreestyleden

      tegenwoordig deelwoord

      freestylendfreestylende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.