NEDERLANDS
🇳🇱

    Frituren

    B1uncommonZipf 2.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de frituur

      Zelfstandig naamwoord/fri'tyr/

      enkelvoud

      frituurfrituurtje

      meervoud

      friturenfrituurtjes
    • frituren

      Werkwoord/fri'tyrən; fri'tyrə/

      infinitief

      frituren

      tegenwoordige tijd

      frituurfrituurtfrituren

      verleden tijd

      frituurdefrituurden

      tegenwoordig deelwoord

      friturendfriturende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.