NEDERLANDS
🇳🇱

    Gaarkoken

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • gaarkoken

      Werkwoord/'ɣarkokən; 'ɣarkokə/

      infinitief

      gaarkoken

      tegenwoordige tijd

      kook gaargaarkookkookt gaargaarkooktkoken gaargaarkoken

      verleden tijd

      kookte gaargaarkooktekookten gaargaarkookten

      tegenwoordig deelwoord

      gaarkokendgaarkokende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren