NEDERLANDS
🇳🇱
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
1
1
Garage
(de)
Zelfstandig naamwoord
verblijfsplaats voor auto
NEDERLANDS
/
Woordenboek
/
Garages
Woordenboek
Garages
Garages
Een garage is een plek waar je een auto parkeert of bewaart.
de
garage
Zelfstandig naamwoord
verblijfsplaats voor auto
ruimte waar voertuigen worden gestald of gerepareerd
De garage heeft ruimte voor vier voertuigen.
gebouw dat bedoeld is voor de stalling van een voertuig
De garage is van steen.
werkplaats of ruimte waar auto-reparaties plaatsvinden
De werkplaats is goed uitgerust met moderne gereedschappen.
diminutief van garage: kleine garage
Dit is mijn kleine garage voor de fietsen.
Verwante woorden
garage
Blijf leren
Meest voorkomende Nederlandse woorden
Oefenen