NEDERLANDS
🇳🇱

    Gebenedijd

    uncommonZipf 1.8

    adjectief; werkwoord

    • gebenedijd

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'benədɛɪt/

      stellende trap

      gebenedijdgebenedijdegebenedijds

      vergrotende trap

      gebenedijdergebenedijderegebenedijders

      overtreffende trap

      gebenedijdstgebenedijdste
    • benedijen

      Werkwoord/benə'dɛɪjən; benə'dɛɪjə/

      infinitief

      benedijen

      tegenwoordige tijd

      benedijbenedijtbenedijen

      verleden tijd

      benedijdebenedijden

      tegenwoordig deelwoord

      benedijendbenedijende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren