NEDERLANDS
🇳🇱

    Geconstateerd

    uncommonZipf 2.8

    adjectief; werkwoord

    • geconstateerd

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣəkɔnsta'tert/

      stellende trap

      geconstateerdgeconstateerdegeconstateerds
    • constateren

      Werkwoord/kɔnsta'terən; kɔnsta'terə/

      infinitief

      constateren

      tegenwoordige tijd

      constateerconstateertconstateren

      verleden tijd

      constateerdeconstateerden

      tegenwoordig deelwoord

      constaterendconstaterende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.