NEDERLANDS
🇳🇱

    Geknuppeld

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • knuppelen

      Werkwoord/'knʏpələn; 'knʏpələ/

      infinitief

      knuppelen

      tegenwoordige tijd

      knuppelknuppeltknuppelen

      verleden tijd

      knuppeldeknuppelden

      tegenwoordig deelwoord

      knuppelendknuppelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren