NEDERLANDS
🇳🇱

    Gekreukt

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord; adjectief

    • kreuken

      Werkwoord/'krøkən; 'krøkə/

      infinitief

      kreuken

      tegenwoordige tijd

      kreukkreuktkreuken

      verleden tijd

      kreuktekreukten

      tegenwoordig deelwoord

      kreukendkreukende
    • gekreukt

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'krøkt/

      stellende trap

      gekreuktgekreuktegekreukts

      vergrotende trap

      gekreuktergekreukteregekreukters

      overtreffende trap

      gekreuktstgekreuktste

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.