NEDERLANDS
🇳🇱

    Gelijkmaken

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • gelijkmaken

      Werkwoord/ɣə'lɛɪkmakən; ɣə'lɛɪkmakə/

      infinitief

      gelijkmaken

      tegenwoordige tijd

      maak gelijkgelijkmaakmaakt gelijkgelijkmaaktmaken gelijkgelijkmaken

      verleden tijd

      maakte gelijkgelijkmaaktemaakten gelijkgelijkmaakten

      tegenwoordig deelwoord

      gelijkmakendgelijkmakende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren