NEDERLANDS
🇳🇱

    Gepolariseerd

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • polariseren

      Werkwoord/polari'zerən; polari'zerə/

      infinitief

      polariseren

      tegenwoordige tijd

      polariseerpolariseertpolariseren

      verleden tijd

      polariseerdepolariseerden

      tegenwoordig deelwoord

      polariserendpolariserende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren