NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Ruil(de)
    Zelfstandig naamwoorduitwisseling van dingen
  • 22Ruilen
    Werkwoordmeer dan één ruilen

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Ruil(de)
    Zelfstandig naamwoorduitwisseling van dingen
  • 22Ruilen
    Werkwoordmeer dan één ruilen
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Geruild
WoordenboekGeruild

Geruild

  • deruil

    Zelfstandig naamwoord

    uitwisseling van dingen

    1. de actie van iets geven in ruil voor iets andersZe maakten een eenvoudige uitwisseling van fruit.
    2. overeenkomst tussen twee partijen om iets te ruilenDe overeenkomst is duidelijk geschreven.
    3. een item of voorwerp dat bij de ruil betrokken isHet voorwerp is zeer waardevol.
  • ruilen

    Werkwoord

    meer dan één ruilen

    1. iets inwisselen voor iets andersHij wisselt zijn oude fiets in voor een nieuwe.
    2. overdragen of uitwisselen van rechten of verplichtingenDe studenten zullen hun kennis uitwisselen tijdens de workshop.
    3. veranderen, iets omwisselenIk wil mijn boek omwisselen voor een ander.

Verwante woorden

ruilruilderuildenruileruilenruilendruilenderuiltruiltjeruiltjes

Blijf leren

Meest voorkomende Nederlandse woordenOefenen