NEDERLANDS
🇳🇱

    Getroosten

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • getroosten

      Werkwoord/ɣə'trostən; ɣə'trostə/

      infinitief

      getroosten

      tegenwoordige tijd

      getroostgetroosten

      verleden tijd

      getroosttegetroostten

      tegenwoordig deelwoord

      getroostendgetroostende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren