NEDERLANDS
🇳🇱

    Getuit

    uncommonZipf 2.1

    adjectief; werkwoord

    • getuit

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'tœyt/

      stellende trap

      getuitgetuitegetuits

      vergrotende trap

      getuitergetuiteregetuiters

      overtreffende trap

      getuitstgetuitste
    • tuiten

      Werkwoord/'tœytən; 'tœytə/

      infinitief

      tuiten

      tegenwoordige tijd

      tuittuiten

      verleden tijd

      tuittetuitten

      tegenwoordig deelwoord

      tuitendtuitende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren