NEDERLANDS
🇳🇱

    Grauwen

    uncommonZipf 1.8

    snauw; paard; ezel; grijs worden

    • de grauw

      Zelfstandig naamwoord/'ɣrɔu/

      snauw

      enkelvoud

      grauwgrauwtje

      meervoud

      grauwengrauwtjes
    • de grauw

      Zelfstandig naamwoord/'ɣrɔu/

      paard; ezel

      enkelvoud

      grauwgrauwtje

      meervoud

      grauwengrauwtjes
    • grauwen

      Werkwoord/'ɣrɔuwən; 'ɣrɔuwə/

      grijs worden

      infinitief

      grauwen

      tegenwoordige tijd

      grauwgrauwtgrauwen

      verleden tijd

      grauwdegrauwden

      tegenwoordig deelwoord

      grauwendgrauwende
    • grauwen

      Werkwoord/'ɣrɔuwən; 'ɣrɔuwə/

      snauwen

      infinitief

      grauwen

      tegenwoordige tijd

      grauwgrauwtgrauwen

      verleden tijd

      grauwdegrauwden

      tegenwoordig deelwoord

      grauwendgrauwende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren