Grif
uncommonZipf 2.8
adjectief; werkwoord
grif
Bijvoeglijk naamwoord/'ɣrɪf/stellende trap
grifgriffegrifsvergrotende trap
griffergrifferegriffersovertreffende trap
grifstgrifstegriffen
Werkwoord/'ɣrifən; 'ɣrifə/infinitief
griffentegenwoordige tijd
grifgriftgriffenverleden tijd
griftegriftentegenwoordig deelwoord
griffendgriffende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.