'Haast' kan zowel een zelfstandig naamwoord zijn dat 'gebrek aan tijd' betekent, als een bijwoord dat 'bijna' betekent. 'Haasten' is een werkwoord dat 'snel doen' betekent, terwijl 'hazen' een minder vaak gebruikt werkwoord is dat 'rennen als een haas' betekent.
snel doen
gebrek aan tijd
bijna
rennen als haas