NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Hal(de)
    Zelfstandig naamwoordruimte in huis
  • 22Hal(het)
    Zelfstandig naamwoordopen ruimte

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Hal(de)
    Zelfstandig naamwoordruimte in huis
  • 22Hal(het)
    Zelfstandig naamwoordopen ruimte
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Halletje
WoordenboekHalletje

Halletje

  • dehal

    Zelfstandig naamwoord

    ruimte in huis

    1. een ruimte in een gebouw, vaak met een verbinding naar andere ruimtenDe ruimte is zeer licht, dankzij de grote ramen.
    2. de centrale ruimte in bijvoorbeeld een school of een ander publiek gebouwDe hal is ruim en licht.
    3. een gang of doorgang in een gebouwDe doorgang is smal.
    4. een kleiner of specifieke hal, zoals een ontvangstruimteDe ontvangstruimte heeft veel lichtinval.
  • hethal

    Zelfstandig naamwoord

    open ruimte

    1. ruimte binnen een gebouw die meestal als ingang of verbindingsruimte dientDe ruimte is licht en uitnodigend.
    2. grootte, ontvangst- of tentoonstellingsruimte in een gebouwDe evenementenhallen zijn vaak ontworpen met veel ruimte.
    3. lopende of wachtende mensen komen samen in een halDe ontmoeting in de hal was onverwacht.

Verwante woorden

halhallenhalletjes