Harpen
uncommonZipf 2.2
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de harp
Zelfstandig naamwoord/'hɑrp/enkelvoud
harpharpjemeervoud
harpenharpjesharpen
Werkwoord/'hɑrpən; 'hɑrpə/infinitief
harpentegenwoordige tijd
harpharptharpenverleden tijd
harpteharptentegenwoordig deelwoord
harpendharpende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.