NEDERLANDS
🇳🇱

    Haspelt

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord

    • haspelen

      Werkwoord/'hɑspələn; 'hɑspələ/

      infinitief

      haspelen

      tegenwoordige tijd

      haspelhaspelthaspelen

      verleden tijd

      haspeldehaspelden

      tegenwoordig deelwoord

      haspelendhaspelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren