NEDERLANDS
🇳🇱

    Hinkend

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord; adjectief

    • hinken

      Werkwoord/'hɪŋkən; 'hɪŋkə/

      infinitief

      hinken

      tegenwoordige tijd

      hinkhinkthinken

      verleden tijd

      hinktehinkten

      tegenwoordig deelwoord

      hinkendhinkende
    • hinkend

      Bijvoeglijk naamwoord/'hɪŋkənt/

      stellende trap

      hinkendhinkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren