NEDERLANDS
🇳🇱

    Hort

    uncommonZipf 2.7

    tussenwerpsel; stoot; in de verbinding 'de hort op'

    • hort

      Tussenwerpsel/'hɔrt/

      ~

      hort
    • de hort

      Zelfstandig naamwoord/'hɔrt/

      stoot

      enkelvoud

      horthortje

      meervoud

      hortenhortjes
    • de hort

      Zelfstandig naamwoord/'hɔrt/

      in de verbinding 'de hort op'

      enkelvoud

      hort
    • horten

      Werkwoord/'hɔrtən; 'hɔrtə/

      infinitief

      horten

      tegenwoordige tijd

      horthorten

      verleden tijd

      horttehortten

      tegenwoordig deelwoord

      hortendhortende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.