NEDERLANDS
🇳🇱

    Hot

    commonZipf 3.8

    bijwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • hot

      Bijwoord/'hɔt/

      ~

      hot
    • de hot

      Zelfstandig naamwoord/'hɔt/

      enkelvoud

      hot

      meervoud

      hotten
    • hotten

      Werkwoord/'hɔtən; 'hɔtə/

      infinitief

      hotten

      tegenwoordige tijd

      hothotten

      verleden tijd

      hottehotten

      tegenwoordig deelwoord

      hottendhottende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren