NEDERLANDS
🇳🇱

    Ingekapseld

    uncommonZipf 2.2

    adjectief; werkwoord

    • ingekapseld

      Bijvoeglijk naamwoord/'ɪnɣəkɑpsəlt/

      stellende trap

      ingekapseldingekapseldeingekapselds
    • inkapselen

      Werkwoord/'ɪnkɑpsələn; 'ɪnkɑpsələ/

      infinitief

      inkapselen

      tegenwoordige tijd

      kapsel ininkapselkapselt ininkapseltkapselen ininkapselen

      verleden tijd

      kapselde ininkapseldekapselden ininkapselden

      tegenwoordig deelwoord

      inkapselendinkapselende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren