NEDERLANDS
🇳🇱

    Inhaken

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • inhaken

      Werkwoord/'ɪnhakən; 'ɪnhakə/

      infinitief

      inhaken

      tegenwoordige tijd

      haak ininhaakhaakt ininhaakthaken ininhaken

      verleden tijd

      haakte ininhaaktehaakten ininhaakten

      tegenwoordig deelwoord

      inhakendinhakende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.