NEDERLANDS
🇳🇱

    Inkeer

    B1uncommonZipf 2.9

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de inkeer

      Zelfstandig naamwoord/'ɪnker/

      enkelvoud

      inkeer
    • inkeren

      Werkwoord/'ɪnkerən; 'ɪnkerə/

      infinitief

      inkeren

      tegenwoordige tijd

      keer ininkeerkeert ininkeertkeren ininkeren

      verleden tijd

      keerde ininkeerdekeerden ininkeerden

      tegenwoordig deelwoord

      inkerendinkerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren