NEDERLANDS
🇳🇱

    Inkijk

    uncommonZipf 2.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de inkijk

      Zelfstandig naamwoord/'ɪnkɛɪk/

      enkelvoud

      inkijkinkijkje

      meervoud

      inkijkjes
    • inkijken

      Werkwoord/'ɪnkɛɪkən; 'ɪnkɛɪkə/

      infinitief

      inkijken

      tegenwoordige tijd

      kijk ininkijkkijkt ininkijktkijken ininkijken

      verleden tijd

      keek ininkeekkeken ininkeken

      tegenwoordig deelwoord

      inkijkendinkijkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren