NEDERLANDS
🇳🇱

    Kampeerder

    uncommonZipf 2.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de kampeerder

      Zelfstandig naamwoord/kɑm'perdər/

      enkelvoud

      kampeerderkampeerdertje

      meervoud

      kampeerderskampeerdertjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren