NEDERLANDS
🇳🇱

    Kantwerk

    uncommonZipf 2.0

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • het kantwerk

      Zelfstandig naamwoord/'kɑntwɛrk/

      enkelvoud

      kantwerkkantwerkje

      meervoud

      kantwerkenkantwerkjes
    • kantwerken

      Werkwoord/'kɑntwɛrkən; 'kɑntwɛrkə/

      infinitief

      kantwerken

      tegenwoordige tijd

      kantwerkkantwerktkantwerken

      verleden tijd

      kantwerktekantwerkten

      tegenwoordig deelwoord

      kantwerkendkantwerkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren