Kapittelen
uncommonZipf 2.1
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
het kapittel
Zelfstandig naamwoord/ka'pɪtəl/enkelvoud
kapittelkapitteltjemeervoud
kapittelenkapittelskapitteltjeskapittelen
Werkwoord/ka'pɪtələn; ka'pɪtələ/infinitief
kapittelentegenwoordige tijd
kapittelkapitteltkapittelenverleden tijd
kapitteldekapitteldentegenwoordig deelwoord
kapittelendkapittelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.