Klim
top5000Zipf 4.0
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de klim
Zelfstandig naamwoord/'klɪm/enkelvoud
klimklimmetjemeervoud
klimmetjesklimmen
Werkwoord/'klɪmən; 'klɪmə/infinitief
klimmentegenwoordige tijd
klimklimtklimmenverleden tijd
klomklommentegenwoordig deelwoord
klimmendklimmende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.