Knal
top5000Zipf 4.2
werkwoord; adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
knallen
Werkwoord/'knɑlən; 'knɑlə/infinitief
knallentegenwoordige tijd
knalknaltknallenverleden tijd
knaldeknaldentegenwoordig deelwoord
knallendknallendeknal
Bijvoeglijk naamwoord/'knɑl/stellende trap
knalde knal
Zelfstandig naamwoord/'knɑl/enkelvoud
knalknalletjemeervoud
knallenknalletjes
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.