NEDERLANDS
🇳🇱

    Koekblik

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • het koekblik

      Zelfstandig naamwoord/'kugblɪk/

      enkelvoud

      koekblikkoekblikje

      meervoud

      koekblikkenkoekblikjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren