NEDERLANDS
🇳🇱
  • Kok(de)
    Zelfstandig naamwoordpersoon
  • Kok(de)
    Zelfstandig naamwoordbacterie
  • Kok(de)
    Zelfstandig naamwoordhaan
  • Kokken
    Werkwoordwerken als kok maaltijden bereiden als

Kok

  • dekok

    Zelfstandig naamwoord

    persoon die eten klaarmaakt

    1. persoon

      Iemand die eten klaarmaakt, vaak als beroep in een restaurant, hotel of kantine.

      De kok bereidt vanavond het hoofdgerecht.

    chef-kokrestaurantkoksterrenkokleerling-kokhuiskok
  • dekok

    Zelfstandig naamwoord

    bacterie

    1. basis

      bacterie

  • dekok

    Zelfstandig naamwoord

    haan

    1. basis

      haan

  • kokken

    Werkwoord

    werken als kok; maaltijden bereiden als beroep

    1. beroep

      Als kok werken in een professionele keuken en maaltijden bereiden voor gasten of klanten.

      Zij kokt al jaren in een populair restaurant.

    in een restaurant kokkenin de keuken kokkenals kok kokkenvoor gasten kokkenprofessioneel kokken

Blijf leren